06 - 123 90 746 Otto Copesstraat 83, 5213 GK 's-Hertogenbosch
Donderdag, 14. Maart 2019

OPINIE:

Burgers nemen het over in de zorg.

Bron: Redactioneel/Brabants Dagblad.

Ondernemende burgers die de zorg in kleine kernen in eigen hand nemen, leveren een prestatie van formaat. Maar vaak botsen dit soort initiatieven op bureaucratische muren. Over gemiste kansen gesproken.

Het fenomeen ‘burgerinitiatief’ maakt tongen los. Sommigen zijn lyrisch, burgers die in eigen kring maatschappelijke kwesties oplossen. Ze ontwaren zelfs een nieuwe democratie: de ‘doe-democratie’. Anderen vinden het drie keer niks: burgers die een zwembad overnemen of een buurthuis runnen, ze bewerkstelligen slechts dat die gemeente voor een dubbeltje op de eerste rang zit. Recent onderzoek (Marcel Ham en Jelle van der Meer, 2015) brengt het debat over burgerinitiatieven in een rustiger vaarwater. Zeker is dat die ondernemende burgers in de zorg prestaties van formaat hebben neergezet. Aanwijsbaar is ook dat gemeentebestuurders de initiatieven toejuichen (‘participatiemaatschappij’) en willen stimuleren. In de praktijk pakt het evenwel niet altijd goed uit. Maar het kan geen kwaad te benadrukken dat die burgers ook zelf de slaagkansen van hun initiatief kunnen bevorderen. ‘It takes two to tango’.

Stamtafel.

Eerlijkheidshalve: met veel genoegen lees ik verhalen over ondernemende burgers in de zorg. Bijvoorbeeld: ‘Ik is niks in Elsendorp’ van Tom Baetens en ‘Burgers doen het zelf’, het onlangs verschenen boek over de zorgcoöperatie in Hoogeloon van Ad en Freya Pijnenborg. En als ik in de buurt van Esbeek ben, schuif ik graag aan de stamtafel van het dorpscafé in deze kleine kern om te luisteren naar nieuwe ontwikkelingen van doe-het-zelvers. Trouwens, koning Willem-Alexander deed dat nog niet zo lang geleden (verrassingsbezoek, juni 2018) ook. Horen en zien hoe burgers in eigen kring problemen rond zorg en welzijn op de schop nemen, dat inspireert mij.

Een aansprekend voorbeeld is het project ‘Zorg op maat’ in Elsendorp: bewoners van deze kleine kern – een gemeenschap van 1150 inwoners in de gemeente Gemert-Bakel, op de rand van de Peel – nemen weer zelf de zorgregie in handen en stemmen met elkaar professionele zorg en mantelzorg af. Uitgangspunt hierbij: senioren moeten zo lang mogelijk in Elsendorp kunnen blijven wonen en de kosten dienen aanmerkelijk te verminderen. Resultaat: sinds 2007 heeft nog maar één inwoner het dorp hoeven te verlaten omdat de zorg niet toereikend was. En de zorgprijs is 25 procent lager dan het landelijke gemiddelde, zo meldt Dick van ­Niekerk in de Kleine Kernen Krant.

Nog een fraai voorbeeld: de zorg­coöperatie Hoogeloon (de eerste in Brabant en Nederland; kerkdorp van de gemeente Bladel; ruim 2100 inwoners). Sinds 2005 bundelen de inwoners van Hoogeloon hun krachten om de zorg in het dorp zelf te organiseren. Doel: oudere mensen blijven in Hoogeloon wonen, ook als zij intensievere zorg nodig hebben. De ­coöperatie groeide in vijftien jaar uit tot een organisatie die aanvullende diensten op het vlak van zorg, wonen en welzijn organiseert en levert aan ouderen, chronisch zieken en mensen met een beperking. Sinds 2013 beschikt Hoogeloon over een kleinschalige voorziening voor dementerenden. Men zegt 25 tot 30 procent op de kosten te besparen.

Hoofdpijn.

In de nota ‘De doe-democratie’ (2013) geeft de rijksoverheid aan ruimte en vertrouwen te willen bieden aan maatschappelijke initiatieven; dit teneinde een vitale samenleving te stimuleren. Op het uitvoerend vlak zien we gemeentebestuurders met een lofzang over burgerinitiatieven, terwijl diezelfde bestuurders voorwaarden stellen aan eventuele subsidiëring of facilitering die de eigenheid van een initiatief kapot kunnen maken (Ham en Van der Meer).

De tijd is rijp om de omgang van gemeenten met burgerinitiatieven te evalueren. Zoom daarbij vooral in op zaken die die initiatiefnemers de meeste hoofdpijn bezorgen: een ‘ambtenarencultuur’, een houding die een mix is van wantrouwen, neerbuigendheid, controle in plaats van meedenken, onbekendheid met een dienende rol. Goede tweede in de lijst van ergernissen is de ‘bureaucratische cultuur’, waarbij procedures belangrijker zijn dan inhoud en voortgang. Overigens is de krakkemikkige interactie van de overheid met burgerinitiatieven niet een exclusief Nederlands probleem. Dit speelt ook in Duitsland. Toen, ter gelegenheid van het staatsbezoek van het Nederlandse koningspaar aan Duitsland in oktober 2018, een kennismakingsbijeenkomst tussen Duitse en Nederlandse burgerinitiatieven plaatsvond, kwam dit knelpunt uitvoerig ter sprake.

Vrijwel alle burgerinitiatieven koesteren hun onafhankelijkheid. Daar staat de noodzaak van een startkapitaal tegenover. Dan is de gang naar de gemeente een gemakkelijke. Maar er zijn alternatieven. Zo kunnen ondernemende burgers aankloppen bij geëigende fondsen, bijvoorbeeld van zorgverzekeraars en banken. Dit betekent wel dat zij hiervan echt werk moeten maken. Fondsenwerving – ik spreek uit ervaring – is een vak apart. Maar zelfbewuste ondernemende burgers moeten ook zo moedig zijn om in eigen kring financiële middelen, zoals contributies, aandelen, eigen bijdragen, te werven. Grote ambities vragen om eigen investeringen. Dan ook is het zinvol een overstap te maken naar de coöperatievorm.

Winst.

Coöperaties winnen snel aan populariteit: Nederland kent nu circa 350 zorgcoöperaties (zie Nationale Coöperatieve Raad). Feitelijk zijn het bedrijven met leden die ook eigenaar zijn. Ze mogen winst maken, waarmee nieuwe investeringen gedaan kunnen worden. De coöperatie is mede populair vanwege het democratische karakter: de leden bepalen wat de coöperatie doet.

Startende burgerinitiatieven kunnen hun slaagkansen ook bevorderen wanneer zij met vragen en behoefte aan ondersteuning aankloppen bij Platform Zorg coöperatieve Ontwikkelingen Brabant. Dit platform stelt de ervaringskennis van bekende koplopers (Elsendorp, Hoogeloon en Laarbeek) beschikbaar. In mijn ogen het steunpunt bij uitstek. Dé plek waar je kennis en ervaring kunt aanboren die je nodig hebt om te presteren.

Kortom: ondernemende burgers kunnen zelf stappen zetten om de doorontwikkeling van hun initiatief te bevorderen. Maar er is ook voor gemeentebestuurders werk aan de winkel. Gewenst vertrekpunt hierbij: het verwelkomen van maatschappelijke initiatieven, ook als die niet ‘gladjes’ passen in hun beleidsperspectief. Maar is er de moed om afscheid te nemen van de ‘oude politiek’?

Pieter van Harberden was verbonden aan Tilburg University, eerder raadslid in Goirle, was voorzitter van Platform Gezondheid en Welzijn Goirle, volgt met veel interesse de opmars van burgerinitiatieven op het vlak van zorg, wonen en welzijn. Deze week is de Week van Zorg en Welzijn.

► Optimale samenwerking tussen formele zorg, informele zorg en burgers:

Meer nieuws vandaag:

Afgelopen week:

Goedemorgen

HN heeft de ANBI-status:

IBAN: NL09RABO0158802764

[Kijk hier voor alle mogelijkheden]

HN-nieuwsbrief maart 2019

Handicap Nationaal

Otto Copesstraat 83

5213 GK 's-Hertogenbosch

Telefoon: 06 - 123 90 746

Fax: 073 - 850 81 88

E-mail: info@handicapnationaal.nl

IBAN: NL09RABO0158802764

KvK Nummer: 51372266

RSIN Nummer: 823247521

GeefGratis Nummer: 5105

website security

Onze website maakt gebruik van cookies: Wij plaatsen cookies om het gebruik van de website te analyseren en om het mogelijk te maken inhoud via social media te delen. De website maakt ook gebruik van functies van derden die mogelijk cookies kunnen plaatsen. Door op [OK] te klikken of gebruik te blijven maken van de site stemt u in met het plaatsen hiervan. In onze disclaimer/privacybeleid leest u hier meer over.